Schorsing tenuitvoerlegging in hoger beroep
Inhoudsopgave
De wet biedt twee mogelijkheden: schorsing van de tenuitvoerlegging in hoger beroep of in kort geding. Hieronder wordt de mogelijkheid dit in hoger beroep te vorderen toegelicht.
Maatstaf schorsing tenuitvoerlegging in hoger beroep
Bij aanvang van het hoger beroep kan voorafgaand aan de inhoudelijke beoordeling een incident tot schorsing worden opgeworpen. In het geval van een vonnis kan dit op grond van artikel 351 Rv. Bij een beschikking op grond van artikel 360 Rv. Bij de beoordeling van een incidentele vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging geldt de volgende maatstaf:
Uitgangspunt is dat een uitgesproken veroordeling uitvoerbaar dient te zijn. Dit zonder de voorwaarde van zekerheidstelling. Afwijking van dit uitgangspunt kan worden gerechtvaardigd door omstandigheden die meebrengen dat het belang van de veroordeelde bij behoud van de bestaande toestand zolang niet op het door hem ingestelde rechtsmiddel is beslist. Dit moet dan zwaarder wegen dan het belang van degene die de veroordeling in de uitspraak heeft verkregen. Met andere woorden, het gaat dus om een belangenafweging.
Bij de toepassing van deze maatstaf moet worden uitgegaan van de beslissingen in de gegeven uitspraak. Evenals de daaraan ten grondslag liggende vaststellingen en oordelen. De kans van slagen van het hoger beroep mag niet meewegen. Alleen een kennelijke misslag mag meewegen in de afweging de tenuitvoerlegging te schorsen.
Bijna standaard vorderen advocaten om het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Als daar geen verweer tegen wordt gevoerd dan zal dat zonder motivering volgen. Wordt er wel verweer gevoerd tegen de tenuitvoerlegging, dan zal de rechter toewijzing moeten motiveren. In dat laatste geval moet sprake zijn van feiten en omstandigheden die bij het nemen van deze beslissing niet in aanmerking (konden) worden genomen. Bijvoorbeeld doordat zij zich na de betrokken uitspraak hebben voorgedaan. Deze nieuwe feiten en omstandigheden moeten ook rechtvaardigen dat van die eerdere beslissing wordt afgeweken.
De doorlooptijden van hoger beroep
De doorlooptijden in hoger beroep zijn momenteel lang. Dat geldt ook in het geval een incidentele vordering tot schorsing wordt ingesteld. Wordt het vonnis op korte termijn ten uitvoer gelegd, dan kan deze route te lang duren. In dat geval bestaat ook de mogelijkheid van een kort geding. Met kortere doorlooptijden.
Vragen over schorsing tenuitvoerlegging in hoger beroep?
Heeft u vragen over schorsing tenuitvoerlegging in hoger beroep? Wilt u bijvoorbeeld in hoger beroep en voorkomen dat het vonnis ondertussen ten uitvoer wordt gelegd? Of heeft u een andere vraag van procesrechtelijke aard? Neemt u dan gerust contact op met Flinck Advocaten, via telefoonnummer 020 – 26 10 234 of e-mail: [email protected].

Vincent Melens
Advocaat
Inhoudsopgave
Veelgestelde vragen
Executieverkoop: kan ik die voorkomen of aanvechten?
Ja, bij misbruik van recht, onjuistheden of als minder bezwarend alternatief mogelijk is. Vraag schorsing/opheffing in kort geding of tref een regeling.
Hoe kan ik onterecht beslag opheffen (ook bij derdenbeslag)?
Vraag de beslaglegger om vrijwillige opheffing en onderbouw waarom het beslag onterecht is; lukt dat niet, start een opheffingskortgeding.
Wat is een conservatoir beslag en wanneer toegestaan?
Voorlopig beslag om verhaalsmogelijkheden veilig te stellen vóór een uitspraak. De rechter weegt summierlijk het recht en spoed; daarna moet vaak snel worden doorgeprocedeerd.
Wanneer mag een schuldeiser beslag leggen op loon of bankrekening?
Alleen met executoriale titel (vonnis/akte); conservatoir beslag kan met toestemming van de rechter. Er gelden beslagvrije voeten en regels voor proportionaliteit.
Wanneer kies ik voor kort geding bij incasso?
Als er spoed is en de vordering voldoende aannemelijk. Bereid bewijs en een duidelijke onderbouwing van het spoedeisend belang voor.
Wanneer is sprake van wanprestatie en wat zijn mijn opties?
Bij tekortkoming in de nakoming. Stuur een ingebrekestelling, kies tussen nakoming of ontbinding en onderbouw schadevergoeding waar nodig.


