Go to Top

Het schriftelijkheidsvereiste: is een WhatsApp-berichtje voldoende?

het schriftelijkheidsvereiste

Uit artikel 7:2 BW volgt het schriftelijkheidsvereiste bij de koop van een woning door een ‘particuliere’ koper. Eerder schreef mijn collega Mathieu Vreeswijk al in een blog dat het schriftelijkheidsvereiste is opgesteld om een particuliere koper te beschermen tegen ondoordachte aankopen. In zijn blog merkte hij verder op dat ten onrechte vaak wordt gedacht dat opvolgende e-mailberichten of brieven (al) voldoende zijn om te spreken van een schriftelijk aangegane koopovereenkomst. Deze gedachte is onjuist. In een recente procedure voor de rechtbank Limburg bleek dat (ook) met een WhatsApp-bericht niet is voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste. Advocaat vastgoedrecht Willem van Agt van Flinck Advocaten over de interessante uitspraak van de Rechtbank Limburg.

Verkoper akkoord via WhatsApp

In de procedure voor de rechtbank Limburg was sprake van zowel een particuliere koper, als een particuliere verkoper van een woning. De Hoge Raad oordeelde al eerder dat ook een particuliere verkoper zich op het schriftelijkheidsvereiste kan beroepen.

In dit geval hadden de verkoper en koper overeenstemming bereikt over de inhoud van een (concept)koopovereenkomst. De koper zet onder die koopovereenkomst ook daadwerkelijk zijn handtekening, en stuurt deze voor akkoord en ondertekening aan de verkoper. Ondertekening door de verkoper laat even op zich laat wachten, zo blijkt uit een WhatsApp-bericht van koper: “Hallo (…), hebben jullie de overeenkomst gelezen en getekend? Of hebben jullie nog vragen? Groet, (…)”

De verkoper geeft vervolgens per WhatsApp zijn akkoord: Haha ongeduldige. Hij (lees: de koopovereenkomst) is gelezen en prima volgens wat we hebben besproken opgetekend. Morgen heb jij hem in bezit met onze handtekening.

De verkoper laat echter enkele dagen later telefonisch aan de koper weten alsnog van de verkoop van de woning af te zien.

Een ‘perfecte’ koopovereenkomst

Koper laat het er niet bij zitten en vordert bij de rechter de nakoming van de koopovereenkomst. Hij stelt dat tussen hem en de verkoper een ‘perfecte’ overeenkomst tot stand is gekomen, waaraan beide partijen nu gebonden zijn. Volgens de koper geldt het WhatsApp-bericht van de verkoper als vervanging van diens schriftelijke ondertekening van de koopovereenkomst.

Met ander woorden: volgens de koper geldt het ‘akkoord-bericht’ via WhatsApp als een elektronische ondertekening, en is daarmee voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste.

Een WhatsApp-bericht als elektronische ondertekening?

Daarmee ligt de vraag voor of een WhatsApp-bericht geldt als een (vervangende) elektronische ondertekening. De rechter gaat niet mee in het – overigens originele – betoog van de koper. Volgens de rechter is ten hoogte sprake van een toezegging van verkoper tot de ondertekening. Maar, zo overweegt de rechter, een schriftelijke koopovereenkomst is een onderhandse akte is waarvoor op grond van art. 156 lid 1 Rv als vormvoorschrift, daadwerkelijke ondertekening geldt. Een WhatsApp-berichtje is daarvoor, kort gezegd, onvoldoende. Volgens de rechter maakt het WhatsApp-bericht van de verkoper geen deel uit van het door de eisers ondertekende koopovereenkomst en is het daarom ook geen elektronische ondertekening daarvan.

Niet voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste

De rechter is dan ook van oordeel dat de koopovereenkomst niet door de verkoper is ondertekend. En, dat daarmee niet werd voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:2 BW. Met andere woorden, er is (nog) geen overeenkomst tot stand gekomen. De verkoper kon alsnog van de verkoop afzien.

Uit de uitspraak van de rechtbank Limburg volgt dat met een WhatsApp-berichtje (nog) niet is voldaan aan het schriftelijkheidsvereiste. Het schriftelijkheidsvereiste vereist dat, de (ver)koop van een woning door een particuliere koper of verkoper wordt vastgelegd in een akte, welke door beide partijen daadwerkelijk moet worden ondertekend.

Advocaat vastgoedrecht

Heeft u een vraag over het schriftelijkheidsvereiste of bent u op zoek naar een gespecialiseerde advocaat vastgoedrecht, neemt u dan gerust contact op met advocaat mr. Willem van Agt op telefoonnummer 020 – 26 10 234 of per e-mail: agt@flinckadvocaten.nl.